Agenda en uitgaanstips

Evenementen in Nederland

 

16 mei

Film: Riso Amaro

Dante Amsterdam vertoont deze dramafilm uit 1949.

 

1 t/m 3 juni

Het Itali√ę-Evenement

Op Kasteel de Haar in de provincie Utrecht komt iedereen samen die iets met Itali√ę heeft.

 

Feest- en gedenkdagen in Itali√ę

 

25 april

Festa della Liberazione

 

1 mei

Festa del Lavoro

 

2 juni

Festa della Repubblica

 

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 116
Deze week 3486
Deze maand 14800
Sinds 10-2008 3025652

Verkopen - Vendere




 

 

In het Italiaans worden de persoonlijke voornaamwoorden (ik, jij, hij, etc.) meestal weggelaten. Hier staan ze voor de volledigheid wel vermeld.

 

 

Infinitief Infinito
te verkopen vendere
Tegenwoordige tijd Presente
ik verkoop io vendo
jij verkoopt tu vendi
hij / zij verkoopt lui / lei vende
wij verkopen noi vendiamo
jullie verkopen voi vendete
zij verkopen loro vendono
Tegenwoordig actieve tijd Presente progressive
ik ben aan het verkopen io sto vendendo
jij bent aan het verkopen tu stai vendendo
hij / zij is aan het verkopen lui / lei sta vendendo
wij zijn aan het verkopen noi stiamo vendendo
jullie zijn aan het verkopen voi state vendendo
zij zijn aan het verkopen loro stanno vendendo
Verleden tijd Passato
Onvoltooid verleden tijd Imperfetto
ik verkocht io vendevo
jij verkocht tu vendevi
hij / zij verkocht lui / lei vendeva
wij verkochten noi vendevamo
jullie verkochten voi vendevate
zij verkochten loro vendevano
Voltooid tegenwoordige tijd
(nabije verleden)
Passato prossimo
ik heb verkocht io ho venduto
jij hebt verkocht tu hai venduto
hij / zij heeft verkocht lui / lei ha venduto
wij hebben verkocht noi abbiamo venduto
jullie hebben verkocht voi avete venduto
zij hebben verkocht loro hanno venduto
Voltooid tegenwoordige tijd
(verre verleden)
Passato remoto
ik heb verkocht io vendetti, vendei
jij hebt verkocht tu vendesti
hij / zij heeft verkocht lui / lei vendette, vendť
wij hebben verkocht noi vendemmo
jullie hebben verkocht voi vendeste
zij hebben verkocht loro vendettero, venderono
Voltooid verleden tijd
(nabije verleden)
Trapassato prossimo
ik had verkocht io avevo venduto
jij had verkocht tu avevi venduto
hij / zij had verkocht lui / lei aveva venduto
wij hadden verkocht noi avevamo venduto
jullie hadden verkocht voi avevate venduto
zij hadden verkocht loro avevano venduto
Voltooid verleden tijd
(verre verleden)
Trapassato remoto
ik had verkocht io ebbi venduto
jij had verkocht tu avesti venduto
hij / zij had verkocht lui / lei ebbe venduto
wij hadden verkocht noi avemmo venduto
jullie hadden verkocht voi aveste venduto
zij hadden verkocht loro ebbero venduto
Toekomende tijd Futuro
Onvoltooid toekomende tijd Futuro semplice
ik zal verkopen io venderÚ
jij zal verkopen tu venderai
hij / zij zal verkopen lui / lei venderŗ
wij zullen verkopen noi venderemo
jullie zullen verkopen voi venderete
zij zullen verkopen loro venderanno
Voltooid toekomstige tijd Futuro anteriore
ik zal hebben verkocht io avrÚ venduto
jij zal hebben verkocht tu avrai venduto
hij / zij zal hebben verkocht lui / lei avrŗ venduto
wij zullen hebben verkocht noi avremo venduto
jullie zullen hebben verkocht voi avrete venduto
zij zullen hebben verkocht loro avranno venduto
Aanvoegende wijs Congiuntivo
Tegenwoordige tijd Presente
dat ik verkoop che io venda
dat je verkoopt che tu venda
dat hij / zij verkoopt che lui / lei venda
dat wij verkopen che noi vendiamo
dat jullie verkopen che voi vendiate
dat zij verkopen che loro vendano
Onvoltooid verleden tijd Imperfetto
dat ik verkocht che io vendessi
dat je verkocht che tu vendessi
dat hij / zij verkocht che lui / lei vendesse
dat wij verkochten che noi vendessimo
dat jullie verkochten che voi vendeste
dat zij verkochten che loro vendessero
Voltooid tegenwoordige tijd Passato
dat ik heb verkocht che io abbia venduto
dat je hebt verkocht che tu abbia venduto
dat hij / zij heeft verkocht che lui / lei abbia venduto
dat wij hebben verkocht che noi abbiamo venduto
dat jullie hebben verkocht che voi abbiate venduto
dat zij hebben verkocht che loro abbiano venduto
Voltooid verleden tijd Trapassato
dat ik had verkocht che io avessi venduto
dat je had verkocht che tu avessi venduto
dat hij / zij had verkocht che lui / lei avesse venduto
dat wij hadden verkocht che noi avessimo venduto
dat jullie hadden verkocht che voi aveste venduto
dat zij hadden verkocht che loro avessero venduto
Voorwaardelijke wijs Condizionale
Tegenwoordige tijd Presente
ik zou verkopen io venderei
jij zou verkopen tu venderesti
hij / zij zou verkopen lui / lei venderebbe
wij zouden verkopen noi venderemmo
jullie zouden verkopen voi vendereste
zij zouden verkopen loro venderebbero
Verleden tijd Passato
ik zou hebben verkocht io avrei venduto
jij zou hebben verkocht tu avresti venduto
hij / zij zou hebben verkocht lui / lei avrebbe venduto
wij zouden hebben verkocht noi avremmo venduto
jullie zouden hebben verkocht voi avreste venduto
zij zouden hebben verkocht loro avrebbero venduto
Gebiedende wijs Imperativo
verkoop ! (tu) vendi !
verkoop ! (Lei) venda !
laten we verkopen ! (noi) vendiamo !
verkoop ! (voi) vendete !
verkoop ! (loro) vendano !
Deelwoord Participio
tegenwoordige tijd Presente
verkopende vendente
Verleden tijd Passato
verkocht hebbende venduto
Gerundium Gerundio
Tegenwoordige tijd Presente
al verkopend vendendo
Verleden tijd Passato
verkocht hebbend avendo venduto







Citaat van de dag

"Vrijheid is ondeelbaar. en als één mens in slavernij leeft is niemand vrij.
La libertà è indivisibile e quando un solo uomo uomo è reso schiavo, nessuno è libero. "
- John F. Kennedy -
(1917-1963)

Advertenties

Met de opbrengst van reclame wordt het onderhoud van de site betaald en sparen we voor nieuwe investeringen zoals geluidsbestanden.
Wilt u ook adverteren op deze site?