Agenda en uitgaanstips

Evenementen in Nederland

 

16 mei

Film: Riso Amaro

Dante Amsterdam vertoont deze dramafilm uit 1949.

 

1 t/m 3 juni

Het Itali√ę-Evenement

Op Kasteel de Haar in de provincie Utrecht komt iedereen samen die iets met Itali√ę heeft.

 

Feest- en gedenkdagen in Itali√ę

 

25 april

Festa della Liberazione

 

1 mei

Festa del Lavoro

 

2 juni

Festa della Repubblica

 

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 55
Deze week 3425
Deze maand 14739
Sinds 10-2008 3025591

Sterven - Morire




 

 

In het Italiaans worden de persoonlijke voornaamwoorden (ik, jij, hij, etc.) meestal weggelaten. Hier staan ze voor de volledigheid wel vermeld.

 

 

Infinitief Infinito
te sterven morire
Tegenwoordige tijd Presente
ik sterf io muoio
jij sterft tu muori
hij / zij sterft lui / lei muore
wij sterven noi moriamo
jullie sterven voi morite
zij sterven loro muoiono
Tegenwoordig actieve tijd Presente progressive
ik ben aan het sterven io sto morendo
jij bent aan het sterven tu stai morendo
hij / zij is aan het sterven lui / lei sta morendo
wij zijn aan het sterven noi stiamo morendo
jullie zijn aan het sterven voi state morendo
zij zijn aan het sterven loro stanno morendo
Verleden tijd Passato
Onvoltooid verleden tijd Imperfetto
ik stierf io morivo
jij stierf tu morivi
hij / zij stierf lui / lei moriva
wij stierven noi morivamo
jullie stierven voi morivate
zij stierven loro morivano
Voltooid tegenwoordige tijd
(nabije verleden)
Passato prossimo
ik ben gestorven io sono morto
jij bent gestorven tu sei morto
hij / zij is gestorven lui / lei Ť morto
wij zijn gestorven noi siamo morti
jullie zijn gestorven voi siete morti
zij zijn gestorven loro sono morti
Voltooid tegenwoordige tijd
(verre verleden)
Passato remoto
ik ben gestorven io morii
jij bent gestorven tu moristi
hij / zij is gestorven lui / lei morž
wij zijn gestorven noi morimmo
jullie zijn gestorven voi moriste
zij zijn gestorven loro morirono
Voltooid verleden tijd
(nabije verleden)
Trapassato prossimo
ik was gestorven io ero morto
jij was gestorven tu eri morto
hij / zij was gestorven lui / lei era morto
wij waren gestorven noi eravamo morti
jullie waren gestorven voi eravate morti
zij waren gestorven loro erano morti
Voltooid verleden tijd
(verre verleden)
Trapassato remoto
ik was gestorven io fui morto
jij was gestorven tu fosti morto
hij / zij was gestorven lui / lei fu morto
wij waren gestorven noi fummo morti
jullie waren gestorven voi foste morti
zij waren gestorven loro furono morti
Toekomende tijd Futuro
Onvoltooid toekomende tijd Futuro semplice
ik zal sterven io morirÚ, morrÚ
jij zal sterven tu morirai, morrai
hij / zij zal sterven lui / lei morirŗ, morrŗ
wij zullen sterven noi moriremo, morremo
jullie zullen sterven voi morirete, morrete
zij zullen sterven loro moriranno, morranno
Voltooid toekomstige tijd Futuro anteriore
ik zal zijn gestorven †io sarÚ morto
jij zal zijn gestorven tu sarai morto
hij / zij zal zijn gestorven lui / lei sarŗ morto
wij zullen zijn gestorven noi saremo morti
jullie zullen zijn gestorven voi sarete morti
zij zullen zijn gestorven loro saranno morti
Aanvoegende wijs Congiuntivo
Tegenwoordige tijd Presente
dat ik sterf che io muoia
dat je sterft che tu muoia
dat hij / zij sterft che lui / lei muoia
dat wij sterven che noi moriamo
dat jullie sterven che voi moriate
dat zij sterven che loro muoiano
Onvoltooid verleden tijd Imperfetto
dat ik stierf che io morissi
dat je stierf che tu morissi
dat hij / zij stierf che lui / lei morisse
dat wij stierven che noi morissimo
dat jullie stierven che voi moriste
dat zij stierven che loro morissero
Voltooid tegenwoordige tijd Passato
dat ik ben gestorven che io sia morto
dat je bent gestorven che tu sia morto
dat hij / zij is gestorven che lui / lei sia morto
dat wij zijn gestorven che noi siamo morti
dat jullie zijn gestorven che voi siate morti
dat zij zijn gestorven che loro siano morti
Voltooid verleden tijd Trapassato
dat ik was gestorven che io fossi morto
dat je was gestorven che tu fossi morto
dat hij / zij was gestorven che lui / lei fosse morto
dat wij waren gestorven che noi fossimo morti
dat jullie waren gestorven che voi foste morti
dat zij waren gestorven che loro fossero morti
Voorwaardelijke wijs Condizionale
Tegenwoordige tijd Presente
ik zou sterven io morirei, morrei
jij zou sterven tu moriresti, morresti
hij / zij zou sterven lui / lei morirebbe, morrebbe
wij zouden sterven noi moriremmo, morremmo
jullie zouden sterven voi morireste, morreste
zij zouden sterven loro morirebbero, morrebbero
Verleden tijd Passato
ik zou zijn gestorven io sarei morto
jij zou zijn gestorven tu saresti morto
hij / zij zou zijn gestorven lui / lei sarebbe morto
wij zouden zijn gestorven noi saremmo morti
jullie zouden zijn gestorven voi sareste morti
zij zouden zijn gestorven loro sarebbero morti
Gebiedende wijs Imperativo
sterf ! (tu) muori !
sterf ! (Lei) muoia !
laten we sterven ! (noi) moriamo !
sterf ! (voi) morite !
sterf ! (loro) muoiano !
Deelwoord Participio
tegenwoordige tijd Presente
stervende morente
Verleden tijd Passato
gestorven zijnde morto
Gerundium Gerundio
Tegenwoordige tijd Presente
al stervend morendo
Verleden tijd Passato
gestorven zijnd essendo morto







Citaat van de dag

"Vrijheid is ondeelbaar. en als één mens in slavernij leeft is niemand vrij.
La libertà è indivisibile e quando un solo uomo uomo è reso schiavo, nessuno è libero. "
- John F. Kennedy -
(1917-1963)

Advertenties

Met de opbrengst van reclame wordt het onderhoud van de site betaald en sparen we voor nieuwe investeringen zoals geluidsbestanden.
Wilt u ook adverteren op deze site?