Agenda en uitgaanstips

Evenementen in Nederland

 

16 mei

Film: Riso Amaro

Dante Amsterdam vertoont deze dramafilm uit 1949.

 

1 t/m 3 juni

Het Italië-Evenement

Op Kasteel de Haar in de provincie Utrecht komt iedereen samen die iets met Italië heeft.

 

Feest- en gedenkdagen in Italië

 

25 april

Festa della Liberazione

 

1 mei

Festa del Lavoro

 

2 juni

Festa della Repubblica

 

Lees verder...

Onze statistieken

Vandaag 502
Deze week 1609
Deze maand 10349
Sinds 10-2008 2946604

Drinken - Bere




 

 

In het Italiaans worden de persoonlijke voornaamwoorden (ik, jij, hij, etc.) meestal weggelaten. Hier staan ze voor de volledigheid wel vermeld.

 

 

Infinitief Infinito
te drinken bere
   
Tegenwoordige tijd Presente
ik drink io bevo
jij drinkt tu bevi
hij / zij drinkt lui / lei beve
wij drinken noi beviamo
jullie drinken voi bevete
zij drinken loro bevono
   
Tegenwoordig actieve tijd Presente progressive
ik ben aan het drinken io sto bevendo
jij bent aan het drinken tu stai bevendo
hij / zij is aan het drinken lui / lei sta bevendo
wij zijn aan het drinken noi stiamo bevendo
jullie zijn aan het drinken voi state bevendo
zij zijn aan het drinken loro stanno bevendo
   
Verleden tijd Passato
Onvoltooid verleden tijd Imperfetto
ik dronk io bevevo
jij dronk tu bevevi
hij / zij dronk lui / lei beveva
wij dronken noi bevevamo
jullie dronken voi bevevate
zij dronken loro bevevano
   
Voltooid tegenwoordige tijd
(nabije verleden)
Passato prossimo
ik heb gedronken io ho bevuto
jij hebt gedronken tu hai bevuto
hij / zij heeft gedronken lui / lei ha bevuto
wij hebben gedronken noi abbiamo bevuto
jullie hebben gedronken voi avete bevuto
zij hebben gedronken loro hanno bevuto
   
Voltooid tegenwoordige tijd
(verre verleden)
Passato remoto
ik heb gedronken io bevvi, bevetti, bevei
jij hebt gedronken tu bevesti
hij / zij heeft gedronken lui / lei bevve, bevette
wij hebben gedronken noi bevemmo
jullie hebben gedronken voi beveste
zij hebben gedronken loro bevvero
   
Voltooid verleden tijd
(nabije verleden)
Trapassato prossimo
ik had gedronken io avevo bevuto
jij had gedronken tu avevi bevuto
hij / zij had gedronken lui / lei aveva bevuto
wij hadden gedronken noi avevamo bevuto
jullie hadden gedronken voi avevate bevuto
zij hadden gedronken loro avevano bevuto
   
Voltooid verleden tijd
(verre verleden)
Trapassato remoto
ik had gedronken io ebbi bevuto
jij had gedronken tu avesti bevuto
hij / zij had gedronken lui / lei ebbe bevuto
wij hadden gedronken noi avemmo bevuto
jullie hadden gedronken voi aveste bevuto
zij hadden gedronken loro ebbero bevuto
   
Toekomende tijd Futuro
Onvoltooid toekomende tijd Futuro semplice
ik zal drinken io berrò, beverò
jij zal drinken tu berrai, beverai
hij / zij zal drinken lui / lei berrà, beverà
wij zullen drinken noi berremo, beveremo
jullie zullen drinken voi berrete, beverete
zij zullen drinken loro berranno, beveranno
   
Voltooid toekomstige tijd Futuro anteriore
ik zal hebben gedronken io avrò bevuto
jij zal hebben gedronken tu avrai bevuto
hij / zij zal hebben gedronken lui / lei avrà bevuto
wij zullen hebben gedronken noi avremo bevuto
jullie zullen hebben gedronken voi avrete bevuto
zij zullen hebben gedronken loro avranno bevuto
   
Aanvoegende wijs Congiuntivo
Tegenwoordige tijd Presente
dat ik drink che io beva
dat je drinkt che tu beva
dat hij / zij drinkt che lui / lei beva
dat wij drinken che noi beviamo
dat jullie drinken che voi beviate
dat zij drinken che loro bevano
   
Onvoltooid verleden tijd Imperfetto
dat ik dronk che io bevessi
dat je dronk che tu bevessi
dat hij / zij dronk che lui / lei bevesse
dat wij dronken che noi bevessimo
dat jullie dronken che voi beveste
dat zij dronken che loro bevessero
   
Voltooid tegenwoordige tijd Passato
dat ik heb gedronken che io abbia bevuto
dat je hebt gedronken che tu abbia bevuto
dat hij / zij heeft gedronken che lui / lei abbia bevuto
dat wij hebben gedronken che noi abbiamo bevuto
dat jullie hebben gedronken che voi abbiate bevuto
dat zij hebben gedronken che loro abbiano bevuto
   
Voltooid verleden tijd Trapassato
dat ik had gedronken che io avessi bevuto
dat je had gedronken che tu avessi bevuto
dat hij / zij had gedronken che lui / lei avesse bevuto
dat wij hadden gedronken che noi avessimo bevuto
dat jullie hadden gedronken che voi aveste bevuto
dat zij hadden gedronken che loro avessero bevuto
   
Voorwaardelijke wijs Condizionale
Tegenwoordige tijd Presente
ik zou drinken io berrei, beverei
jij zou drinken tu berresti, beveresti
hij / zij zou drinken lui / lei berrebbe, beverebbe
wij zouden drinken noi berremmo, beveremmo
jullie zouden drinken voi berreste, bevereste
zij zouden drinken loro berrebbero, beverebbero
   
Verleden tijd Passato
ik zou hebben gedronken io avrei bevuto
jij zou hebben gedronken tu avresti bevuto
hij / zij zou hebben gedronken lui / lei avrebbe bevuto
wij zouden hebben gedronken noi avremmo bevuto
jullie zouden hebben gedronken voi avreste bevuto
zij zouden hebben gedronken loro avrebbero bevuto
   
Gebiedende wijs Imperativo
drink ! (tu) bevi !
drink ! (Lei) beva !
laten we drinken ! (noi) beviamo !
drink ! (voi) bevete !
drink ! (loro) bevano !
   
Deelwoord Participio
tegenwoordige tijd Presente
drinkende bevente
   
Verleden tijd Passato
gedronken hebbende bevuto
   
Gerundium Gerundio
Tegenwoordige tijd Presente
al drinkend bevendo
   
Verleden tijd Passato
gedronken hebbend avendo bevuto







Citaat van de dag

"Iedere taal geeft een unieke kijk op het leven.
Un linguaggio diverso è una diversa visione della vita. "
- Federico Fellini -
(1920-1993)

Advertenties

Met de opbrengst van reclame wordt het onderhoud van de site betaald en sparen we voor nieuwe investeringen zoals geluidsbestanden.
Wilt u ook adverteren op deze site?